Techniek: Het belang van elektronica
Door Jasper Coosemans, 25 May 2007
De F1-fans verlangen terug naar die goede oude tijden waar Formule 1 nog slechts een zaak was van man en machine. Jammer genoeg zijn die tijden al lang voorbij: aanschouw het elektronicatijdperk van de F1.
Wanneer een rijder met zijn wagen rondrijdt op een circuit, is het tegenwoordig een zaak van man, machine en een hele waaier aan sensoren en andere technologische snufjes. IT heeft, vooral de laatste 10 jaren, een heel belangrijke plaats ingenomen in de hoogste klasse van de autosport. Het team op de pitmuur wil graag weten hoe de wagen zich gedraagt en vooral: waarom.
Alles moet snel en live verlopen
Op de gemiddelde F1-bolide zitten ongeveer 250 sensoren die alles samen instaan voor het opmeten van zowat 1300 parameters, gaande van de bandendruk tot het gedrag van versnellingsbak en motor. En alles moet snel gaan: het volstaat niet langer om te wachten tot de wagen weer in de garage staat om alle data te downloaden naar laptops die met een kabeltje verbonden zijn met de wagen; elk gegeven moet onmiddellijk de pitmuur bereiken via een draadloze verbinding.
Een mens zou zich kunnen afvragen wat er allemaal met die data gebeurt. Om te beginnen heeft een team als Toyota in de garage een verzameling van ongeveer 40 computers staan die alles samen 800 GB aan data kunnen opslaan.
Vooral tijdens de kwalificatie en de race is dit een heel belangrijke (en vaak zelfs beslissende) factor. Aan de hand van telemetrie kan op het laatste moment beslist worden wanneer een rijder een pitstop moet maken, welk benzinemengsel hij best gebruikt of hoe hij zijn rembalans moet instellen. De ingenieurs in de garage weten al terwijl de wagen rijdt welke veranderingen ze best maken aan de afstelling wanneer de bolide weer binnen is. De mogelijkheden zijn bijna eindeloos.
Steun vanuit de fabriek
Maar dat is nog niet alles: F1-teams zijn gedurende drie dagen actief op hetzelfde circuit en voor een grondige analyse volstaan 40 computers niet. Daarom is er tijdens de Grote Prijzen ook een team aanwezig in de fabriek. Via satellieten worden de telemetriegegevens aan ongelooflijke snelheden doorgegeven aan deze mensen, die er met nog krachtigere systemen aan werken. Hierdoor kan elk aspect van de wagen begrepen worden. Het is ook vooral in de fabriek dat de strategie voor de race bepaald wordt – dit gebeurt via videoconferenties met de race-ingenieur maar het zijn de fabrieksmensen die het laatste woord hebben.
Deze manier van werken is uiterst efficiënt: als het snel moet gaan, weten ingenieurs onmiddellijk wat ze moeten doen. Wanneer er echter tijd is voor een grondige analyse, kan die gedaan worden in de fabriek waar elke millimeter van de wagen onder de microscoop gaat.
Maar deze methode heeft ook zo z’n nadelen. Ten eerste is ze heel duur: de IT-systemen worden alsmaar meer op punt gesteld en daarnaast moet je het hele weekend lang een team van mensen paraat hebben in de fabriek.
Bovendien neemt het een deel van de charme van de Formule 1 weg. Het is niet langer de rijder die zelf bepaalt hoe zijn wagen afgesteld wordt (denken we terug aan Thiery Boutsen die zelf sleutel en schroevendraaier in de hand nam wanneer zijn wagen in de pitbox stond) maar een stel computers.
Gelukkig heeft ook de FIA ingezien dat het momenteel de verkeerde kant aan het opgaan is. Zo is er bijvoorbeeld beslist dat er volgend jaar geen tractiecontrole meer mag gebruikt worden. En zo komen we weer een klein beetje dichter bij de gloriedagen van de snelste sport ter wereld. Blijkbaar is er dan toch nog hoop op beterschap voor de toekomst.
F1 merchandise
Een hele winkel vol F1 modellen en spullen tegen scherpe en interessante prijzen. Kom zeker eens kijken!
