GP Australië: voorbeschouwing (2)

Adelaide Parklands

Het Australische Formule 1-avontuur begon in het begin van de jaren ’80. Adelaide stond al jaren in de schaduw van de andere grote steden Melbourne en Sydney. De hoofdstad van South Australia werd aanzien als een “vuilere” stad, met helemaal niet het betere imago van de twee anderen. Zakenman Bill O’Gorman vond dat er iets aan gedaan moest worden, en vloog naar London. Daar, in een kantoortje, ontmoette hij niemand minder dan de, toen al, Formule 1-baas Bernie Ecclestone. Hij vond politieke steun bij John Bannon, de premier van South Australia. De onderhandelingen draaiden uit op een zevenjarig contract, beginnende in 1985. Mal Hemmerling werd als projectleider aangeduid en moest voor de nodige vergunningen en dergelijke opdraaien. Het circuit werd ontworpen rond een van de grootste parken van de stad, in combinatie met Dequetteville Terrace, een brede laan waar hoge snelheden konden bereikt worden. Om de twee delen van de stad te verbinden door middel van het circuit werd er een deel van de baan speciaal voor de Formule 1 aangelegd. Ook werd ervoor gezorgd dat de jaarlijkse opknapbeurten van de pitgebouwen zonder al te veel verkeershinder zou gebeuren.
De eerste race vond plaats op 3 november 1985. Al snel groeide Adelaide uit tot een gezellige plaats om een race te houden met een enthousiast publiek. De teams kwamen hier graag, de coureurs ook, de supporters ook. Het werd zelfs een traditie dat hier één groot feest werd gehouden tijdens het weekend, iets waar veel mensen maar al te graag aan deelnamen.

De eerste race werd gewonnen door Keke Rosberg. De Fin was in zijn Williams-Honda de snelste. Na een mooie race leek de afscheidsrace van Lauda uit te draaien op een overwinning, maar na 58 ronden gaat hij iets te ver en rijdt tegen de muur. Nadat ook Senna uit de race was verdwenen reed Rosberg onbedreigd naar de zege, een race waar amper 8 van de 26 wagens de finish haalden. Een jaar later, in 1986, werd het kampioenschap hier beslist. Mansell had een comfortabele voorsprong van zes punten op Piquet en Prost, het enige wat hij moest doen was de race uitrijden op minstens een vijfde plaats. Tijdens de race hadden de coureurs veel last van de bandenslijtage, waardoor ze de pits in moesten. Iedereen deed dat ook, behalve Mansell. De Engelsman reed ver op kop en had tijd genoeg om van banden te wisselen. Maar koppig als “de Leeuw” was bleef hij doorrijden. Dit werd hem ook fataal toen zijn band op het lange rechte stuk ontplofte toen hij met een snelheid van meer dan 300km/uur over Brabham Straight reed. Mansell hield fenomenaal zijn wagen onder controle en kwam aan de buitenkant tot stilstand. Mansell stapte woedend uit zijn wagen. Piquet werd tweede, Prost reed naar de zege en de wereldtitel. In 1987 reed Berger naar de overwinning in zijn eerste seizoen voor Ferrari, en in 1988 sloot McLaren hun dominant seizoen af met de 15de zege uit 16 races.

1989 was voor ons, Belgen, een triomf. De regen viel met bakken uit de lucht en de race werd een waar waterballet. Eén na één gleden de grote namen uit beeld. Piquet overleefde een gigantische crash waar hij onder de wagen van Piercarlo Ghinzani reed. Het rechterachterwiel reed als het ware over de helm van Piquet, de bandensporen waren er na de race duidelijk op te zien. Ook regenmeester Senna misrekende zich op de Dallara van Alessandro Caffi en verdween uit beeld. Prost was er al na één rondje uitgestapt. Voor de race hadden de coureurs afgesproken dat ze hun goede wil voor de sponsors en de toeschouwers zouden tonen en er allemaal na één ronde uit zouden stappen. Prost was dan ook de enige die dat werkelijk deed, al de rest reed voort. Na 70 ronden werd Thierry Boutsen als winnaar afgevlagd, voor Alessandro Nannini en Riccardo Patrese. Een jaar later was het terug een en al zonneschijn in Adelaide, Piquet reed naar de zege voor het Ferrariduo Mansell en Prost.

In 1991 was het weer hetzelfde als in 1989, alleen was het nu bijna een ware storm. Men ging toch van start maar na acht ronden waren er al zes coureurs verdwenen door een spin of een crash. De coureurs reden hun snelste rondjes twintig seconden trager dan normaal, en bij elke doortocht waren er verscheidene coureurs die wild met hun armen zwaaiden om te stoppen, zo ook leider Senna. Dit werd na amper 14 rondjes ook gedaan en de race werd de kortste in de Formule 1-geschiedenis. Senna won voor Berger en Mansell, hoewel die er in diezelfde ronde nog afgespind waren. 1992 was weer een beter jaar, de zon scheen weer volop. Senna en Mansell hadden hun zoveelste botsing met elkaar wat voor hen het einde van de race betekende. Daardoor reed Senna’s teammaat Gerhard Berger naar de zege, zijn laatste bij McLaren. Het jaar erop betekende voor Senna zijn laatste overwinning. Na een schitterende race won hij met zijn zwakke McLaren Ford voor onder andere de zoveel maal sterkere Williams Renault van aartsrivaal Alain Prost. Niemand zal vergeten hoe die twee elkaar dan ook omhelsden op het podium, nadat Prost eerder op het seizoen zijn afscheid had aangekondigd. Ook een vijand kan men liefhebben, zo bewezen ze. Na afloop zong niemand minder dan Tina Turner “Simply the Best” ter ere van de Braziliaan. Niemand die toen wist dat hij vijf maanden later zou verongelukken.

In 1994 laaiden de emoties weer hoog op. Na de dood van Senna streden Hill en Schumacher om de titel. De climax eindigde in Adelaide, waar beide heren met één puntje verschil neerstreken in het voordeel van de Duitser. Schumacher moest voor Hill eindigen om wereldkampioen te worden. In de 35ste ronde reed Schumacher op kop toen hij van de baan spinde in Flinders Street en de muur raakte. Hij kwam terug de baan op, maar zijn race was over door een kapotte ophanging. Damon Hill, die een seconde achter hem reed had dit niet gezien en dook in het gat net op het moment dat Schumacher instuurde. Een opzettelijk manoeuvre of niet van de Duitser, zoals hem dat járen nadien nog verweten wordt, laat ik in het midden. Nigel Mansell won zijn drieëndertigste overwinning in de Williams, meteen zijn laatste triomf.

Het jaar erop, vrijdag 10 november 1995. Met een snelheid van om en beide 270 km/uur komt Mika Häkkinen met een geweldige smak tot stilstand in de bandenmuur. De Fin verliest het bewustzijn, stikt bijna door zijn eigen tong en raakt in een coma. Een klapband is de oorzaak dat hij in de Brewery Corner, vlak voor het lange rechte Brabham Straight, op volle snelheid spint en door de curbstones wordt hij de lucht in gesmeten waardoor afremmen onmogelijk is. Door de snelle handelingen van de marshalls en het fantastische werk van het medische team overleefd de Fin de klap en komt vier dagen later weer bij bewustzijn. De race zelf wordt gewonnen door Damon Hill met twee ronden voorsprong, die dit jaar weer eens naast de titel grijpt. Naast hem op het podium verschijnen wat verrassend Olivier Panis en Gianni Morbidelli, nadat alle andere toppers gespind of gecrasht zijn. Een olielek in de pitsstraat zorgt ervoor dat eerst Taki Inoue en dan ook David Coulthard tegen de pitmuur schuiven. Even later ook Johnny Herbert, maar die kon nog net corrigeren waardoor hij de muur op een haar na miste en nog een rondje extra moest rijden.
Eind 1995 bood de stad Melbourne meer geld dan Adelaide en het hele circus verhuisde naar ‘de grote concurrent’. In 1998 was het duidelijk dat Adelaide de race miste en op een aangepaste versie van het circuit werd een Touring Car-race georganiseerd.

Morgen: een overzicht van Melbourne.

Meer over

F1 merchandise

Een hele winkel vol F1 modellen en spullen tegen scherpe en interessante prijzen. Kom zeker eens kijken!

F1 nieuws

GPticket.nl

4 daagse busreis naar de GP van Frankrijk, inclusief transfers, 3 nachten in Yurts, 2 diners, 1 BBQ en je ticket tickets voor slechts 479 euro per persoon! Dat kan enkel via GP Ticket. Bestel nu!

F1 Pits Magazine

F1 Forum

Volgens mij willen goede starts niet veel meer zeggen, een start hangt tegenwoordig nog veel meer af van de piloot.
— Ferrari 2008